Over CEDRO
[English]
Het Centrum voor Drugsonderzoek (CEDRO) is in 1996
gestart onder de vlag van de Faculteit der Ruimtelijke Wetenschappen
van de Universiteit van Amsterdam. Sinds 1983 werd aan deze faculteit
drugsonderzoek verricht, maar dit heeft zich pas sinds kort geïnstitutionaliseerd
in de aparte onderzoeksgroep CEDRO. Het doel van het CEDRO was vanuit
een sociaal-wetenschappelijke oriëntatie kennis op te bouwen
over de verschillende aspecten van de drugsproblematiek. Hierbij
dreef het centrum grotendeels op externe financiering, ondanks het
feit dat de universiteit altijd een kleine bijdrage heeft geleverd
en daarmee zorgde voor enige vorm van continuiteit. Door de uitstekende
reputatie van de betrokken wetenschappers en de bijzondere positie
van Nederland en Amsterdam in het internationale drugsonderzoek
heeft het CEDRO een plaats aan het wetenschappelijk firmament verworven.
In 2000 verhuisde CEDRO naar het SCO Kohnstamm Instituut, deel
uitmakend van de toen net ontstane Faculteit der Maatschappij-
en Gedragswetenschappen, waar het deel van bleef uitmaken tot en
met december 2003. Vanaf januari 2004 is CEDRO geen instituut meer
dat financiering voor onderzoek verwerft van derden. De website
van CEDRO, waarop al de onderzoeksresultaten van CEDRO (en meer)
zijn gepubliceerd, blijft bestaan. Nieuwe publicaties van voormalige
CEDRO-onderzoekers zullen daar op worden gepubliceerd.
Voormalig CEDRO-directeur Peter Cohen ging op 1 maart 2004
met pensioen en is nu gastonderzoeker bij CEDRO tot en met februari
2007.
CEDRO: een korte geschiedenis
Het CEDRO komt indirect voort uit het 'onderzoeksprogramma
drugsbeleid'. Dit programma is in 1983 gestart bij het voormalige
Instituut voor de Wetenschap der Andragogie (IWA) van de UvA, en
heeft geduurd tot en met 1988. Initiatiefnemer was de Gemeente Amsterdam;
medefinanciering was afkomstig van het voormalige Ministerie van
WVC, het Ministerie van Justitie en het Preventiefonds. Het programma
omvatte veelsoortig sociaal-wetenschappelijk onderzoek vanuit verschillende
disciplines: psychologie, criminologie, sociale geografie, antropologie
en medische sociologie. Aan de Juridische faculteit werkten twee
onderzoekers in deeltijd aan een onderzoek naar de Amsterdamse drugsmarkt.
Het onderzoek naar niet-deviant gebruik van cocaïne, dat is
uitgevoerd aan de Faculteit der Ruimtelijke Wetenschappen, was eveneens
een deel van dit onderzoeksprogramma. Ook het epidemiologische onderzoek
dat later een belangrijk deel uitmaakte van de onderzoeksportefeuille,
is in deze tijd van start gegaan met een prevalentie-onderzoek onder
de Amsterdamse bevolking van 12 jaar en ouder.
Nadat in 1988 het onderzoeksprogramma bij het IWA afliep verhuisde
de coördinatie van het drugsonderzoek naar de vakgroep Sociale
Geografie van de Faculteit der Ruimtelijke Wetenschappen. Andere
disciplines bleven bij het drugsonderzoek betrokken en ook aan andere
faculteiten werd nog drugsonderzoek verricht, in het bijzonder bij
de vakgroep Criminologie van de Juridische Faculteit. Sinds het
einde van de jaren tachtig hebben bij de vakgroep Sociale Geografie
verschillende publikaties het licht gezien (zie bijlage). Enkele
van deze publikaties kenden een antropologische invalshoek, hetgeen
aansloot bij de leefbaarheidsstudies en drugsoverlaststudies die
werden verricht bij de specialisatie stadsgeografie binnen de Sociale
Geografie.
Naast deze verschillende projecten, werden er aan de vakgroep Sociale
Geografie nog twee andere grote onderzoeken voortgezet: cocaïne-onderzoek
onder niet-deviante gebruikers en epidemiologisch onderzoek naar
het gebruik van legale en illegale drugs onder de Amsterdamse bevolking.
Het cocaïne-onderzoeksproject heeft geresulteerd in drie publikaties.
Binnen de academische wereld hebben deze studies veel aandacht gekregen,
zoals blijkt uit de verzoeken om voordrachten, publikaties in verschillende
tijdschriften en de vele keren dat deze studies worden geciteerd
en geraadpleegd (o.a. via Internet). Het epidemiologisch onderzoek
werd één van de vaste pijlers van het CEDRO. Sinds
1987 werd elke drie jaar een groot onderzoek uitgevoerd naar het
gebruik van legale en illegale drugs onder de Amsterdamse bevolking.
Hiervoor zijn per onderzoek zo'n 4.000 Amsterdammers uitgebreid
geïnterviewd over hun middelengebruik en de frequentie daarvan.
Deze studies gelden ondermeer door hun omvang, continuïteit
en uniformiteit, als zeer betrouwbare bevolkingsonderzoeken naar
middelengebruik.
In de jaren negentig vond er een internationalisering plaats van
het drugsonderzoek bij het CEDRO. In verband met de voorbereidingen
van de Drugsnota van het kabinet, honoreerde het Ministerie van
VWS een aanvraag tot het uitvoeren van een vergelijkende studie
op het gebied van cannabisbeleid. Deze studie met gedetailleerde
informatie over het cannabisbeleid in Duitsland,
Frankrijk en de Verenigde
Staten gaf de betrokken ministeries en het kabinet een handvat
om het eigen beleid in perspectief te plaatsen. Voor deze studie
werd nauw samengewerkt met het Bremer Institut für Drogenforschung
van de Universität Bremen en het Centre for Drug
and Alcohol Studies van de University of Delaware.
In samenwerking met de University of California (Santa Cruz) werd
een onderzoek uitgevoerd dat gebruikscarrières van cannabisgebruikes
vergeleek in San Francisco, Amsterdam
en Bremen (gepubliceerd in 2002). Plannen werden gemaakt voor
samenwerking met het Institute for Special Populations Research
National Development and Research Institutes (NDRI) in New York
voor het vergelijken van nationale data tussen Nederland en de V.S.
Het streven was om onze data over initiatie van drugsgebruik te
vergelijken met die van de V.S. en te kijken naar het gecombineerd
gebruik van tabak en cannabis. De financiering van beide onderzoeken
kon helaas niet worden gerealiseerd. Des al niet temin is internationaal
vergelijkend onderzoek waarschijnlijk de belangrijkste vernieuwing
in onderzoek naar drugsgebruik in de komende tien jaar.
CEDRO slaagde er ook niet in de financiering te verkrijgen voor
een onderzoek naar cannabisdistributie en kweek in Amsterdam en
de grensstad Venlo. Dit betekent dat het CEDRO onderzoek zal ophouden
te bestaan. De veel geraadpleegde website zal echter worden voortgezet.
Peter Cohen zal nog een aantal jaren de website voortzetten en zal
samenwerken met collega's bij verschillende universiteiten in het
ontwikkelen van theorieën rond het concept "verslaving".
Oriëntatie
De criminalisering en de daarop gebaseerde sociale
perceptie van druggebruik als 'major deviance' is een belangrijke
determinant van wijze waarop druggebruik plaatsvindt. Het gebruik
van illegale drugs wordt vrijwel volledig 'gereguleerd' via mechanismen
van het strafrecht. De interpretatie van druggebruik wordt vrijwel
geheel overgelaten aan de psychiatrie.
Het Centrum voor Drugsonderzoek is uitdrukkelijk sociaal-wetenschappelijk
gericht geweest, en heeft druggebruik bekeken als gewoon menselijk
gedrag dat voornamelijk door contextuele en sociale variabelen vorm
krijgt. Dit is een belangrijk verschil met het meer gebruikelijke
interpretatiekader met een overwegend strafrechtelijke of medische
oriëntatie. Criminalisering en pathologisering van druggebruik
hebben geleid tot ernstige tekortkomingen in de constructie van
kennis (met name theorie) op dit terrein. Deze tekortkomingen staan
een rationele beleidsvorming in de weg.
Amsterdam als proeftuin
Nederland, en in het bijzonder Amsterdam, heeft een
vooraanstaande positie in de wereld waar het druggebruik en drugsbeleid
betreft. Druggebruik heeft een opener verschijningsvorm dan elders
omdat het drugbeleid minder repressief is. Meer dan in andere steden
en landen is men daardoor in staat in Amsterdam relevant, nieuw
empirisch onderzoek te doen.
Juist omdat de kijk op druggebruik zo sterk beheerst wordt door
strakke, bijna dogmatische vooronderstellingen, is er in het verleden
nauwelijks behoefte ontstaan aan systematisch empirisch onderzoek
naar het gebruik van drugs buiten de klassieke context van gevangenis
en kliniek. Nu het besef doordringt dat het meeste druggebruik buiten
die context plaatsvindt, is de relatief makkelijke toegang tot druggebruikers
in Amsterdam een belangrijk voordeel voor het opzetten van nieuw
onderzoek.
Doelstellingen
Het Centrum voor Drugsonderzoek had de volgende de
doelstellingen:
- Het verrichten van sociaal-wetenschappelijk onderzoek op het
terrein van druggebruik, drugbeleid en de distributie van drugs
op een methodologisch en theoretisch hoog niveau.
- Het ontwikkelen van expertise, theorieën en onderzoekstechnieken
op het terrein van de diverse facetten van de drugsproblematiek
op een zodanige wijze dat dit leidt tot een verwetenschappelijking
van het onderzoeksterrein.
- Het verspreiden van kennis over de complexiteit van de drugsthematiek
onder sociale wetenschappers, juristen en beleidsmedewerkers door
middel van publicaties, lezingen, (gast)colleges en advisering.
- Via het bestaande internationale netwerk van contacten bijdragen
aan het bevorderen van internationale uitwisseling van onderzoeksgegevens
en internationale samenwerking in het drugsonderzoek.
De CEDRO Internet Site
Een belangrijke taak van het CEDRO was het beschikbaar stellen
van de onderzoeksresultaten aan belangstellenden. Gezien de internationale
aandacht voor de drugssituatie in Nederland, en het internationale
karakter van sommige onderzoeken heeft het CEDRO ervoor gekozen
om een groot deel van de onderzoeksresultaten op Internet te zetten.
Sinds het najaar van 1995 heeft het CEDRO een eigen site op Internet.
De website van CEDRO is sindsdien uitgegroeid tot de op een na grootste
site in Europa op het gebied van drugs. Hoewel er op internet veel
informatie over drugs wordt aangeboden, is er een sterke behoefte
aan wetenschappelijke en systematisch geordende informatie. Dagelijks
wordt de site bezocht door 700 tot 800 personen. Gemiddeld worden
er ruim 41.000 documenten opgevraagd van de CEDRO website. De belangrijkste
onderdelen van de website zijn de on-line bibliotheek en de sectie
met statistische gegevens over drugsgebruik.
De uitgebreide on-line bibliotheek bevat de meeste artikelen, papers
en rapporten die zijn geschreven door de CEDRO medewerkers. De meeste
documenten zijn in het Engels, sommigen zijn in het Nederlands,
maar in veel gevallen heeft CEDRO ervoor gekozen om ook Duitse,
Italiaanse, Franse en Russische vertalingen aan te bieden voor het
Europese publiek. CEDRO was de eerste organisatie in Nederland die
teksten in het Russisch publiceerde in het Cyrillische alfabet.
In veel gevallen worden omvangrijke documenten ook in Adobe's PDF
formaat aangeboden om het off-line printen van de teksten te vereenvoudigen.
CEDRO gebruikt de internet site en de daaraan verbonden elektronische
mailinglijst als een instrument om de resultaten van het onderzoek
een zo wijd mogelijke verspreiding te geven. De URL van de website
is: http://www.cedro-uva.org/
In het najaar van 2003 is besloten CEDRO en zijn kostbare onderzoeksactiviteiten
op te heffen vanwege toenemende problemen om financiering te krijgen
voor onderzoek dat door CEDRO relevant wordt beschouwd. De website
en enige literatuurstudie zullen worden gecontinueerd.
Voor zover de financiering dat toestaat, worden door Manja Abraham
secundaire analyses uitgevoerd op de beschikbare prevalentiedata.
Het uiteindelijke doel hierbij is de resultaten te publiceren en
bundelen tot een dissertatie.
|